Er is niets mis met een goeie discussie: standpunten en argumenten worden helder en kunnen worden bijgesteld. Bij een discussie hebben dominante deelnemers echter nog te vaak de overhand. Want gelijk hebben is toch vaak anders dan gelijk krijgen. En ‘de sterkste’ is vaak ook degene met de grootste mond. Oplossing: een dialoog. De vraag is: hoe komt je daartoe? Drie tips.
Wat zijn de verschillen?

| Discussie | Dialoog |
|
|
- Met stip op nr. 1 staat: een open houding en vooral luisteren. Je hebt niet voor niets twee oren en één mond, zeggen ze weleens. Straal uit dat je daadwerkelijk en authentiek geïnteresseerd bent in andermans visie.
- Heb de intentie om samen te ontdekken en meer uit het gesprek te halen dan een optelsom van de argumenten. Probeer voor te bouwen op wat de ander zegt. En zoek naar de verbindingen tussen de meningen in plaats van de tegenstellingen.
- Dit vergt meer geduld dan bij de discussie en dus ook moet je soms even op je tong bijten terwijl je aandacht geeft aan andermans visie.
- De basishouding is er vaak niet ‘zomaar’ en kan expliciet gemaakt worden door een paar spelregels af te spreken. Belangrijk is deze met de groep op te stellen, hen daarmee mede-eigenaar te maken en daarmee te voorkomen dat je als politie-agent moet optreden. de volgende regels kunnen een uitgangspunt zijn: we streven naar nieuwe verbindingen en inzichten: dat betekent dat we in de ja-en,…’modus zitten en niet in de ‘ja-maar…’modus
- We luisteren meer dan dat we praten en we laten elkaar uitpraten
- We waarderen wat de ander zegt en stellen op zijn minst ons oordeel uit. Vragen stellen en samenvatten zijn concrete uitingen van respect en waardering.
- Stiltes zijn ok.
- De binnen-buitenkring (lees deze blog)
- De observatie-dialoogcarrousel. Daarbij geef je de dialoogpartners (niet te veel, maximaal drie) de opdracht om volgens bovenstaande spelregels tot inzichten te komen. Een of twee deelnemers geef je de observatietaak. Laat ze daarbij kijken naar zowel inhoud als proces, dus hoe het gesprek verloopt. Na de eerste ronde van ongeveer 15 minuten vraag je de observeerders hun bevindingen te delen en schrijf deze op een flip-over. Je draait nu met de klok mee, zodat iedereen van rol wisselt. Dit doe je totdat iedereen de observatierol heeft gehad. Je zult versteld staan van de resultaten!
- Het ontwerpen van interactieve meetings
- Veel werkvormen voor veel typen bijeenkomsten
- Inspiratie en energie
- Veel tips uit onze praktijk waarin we werken met kleine en (hele) grote groepen
- Werken aan je eigen houding en gedrag voor groepen
